Soorten witte vliegjes op planten

Je kan zowel binnen als buiten witte vliegjes op planten aantreffen.

“Witte vliegjes” is eigenlijk een verzamelnaam waar veel verschillende insecten onder vallen.

Laten we samen eens kijken welke witte insectjes er precies bedoeld kunnen worden

Kaswittevlieg of tabakswittevlieg

Witte vlieg/ tabaksvlieg
Close up van de witte vlieg

De kaswittevlieg of tabakswittevlieg is geen echte witte vlieg, maar een klein wit motje dat opvliegt zodra je de bladeren aanraakt.

Ze komen voor op kamerplanten, sierplanten én groenteplanten. Gevoelige planten zijn onder andere fuchsia’s, komkommers, tomaten, boerenkool en nog veel meer.

In een binnensituatie kan je witte vlieg in een vroeg stadium bestrijden met sluipwespen Encarsia of Eretmocerus.

Buiten kan je deze nuttige insecten enkel gebruiken bij constante temperaturen tussen 20° en 28°C.

Wil je alles lezen over witte vlieg?

Wolluis

Wolluizen op kamerplant
Close up van een wolluis

Wolluis is een wit insectje dat niet vliegt, maar traag over de plant kruipt.

Het komt vooral voor in tuinkamers en huiskamers op kamerplanten, tropische planten en vetplanten.

Ook zuiderse fruitbomen, zoals citrusplanten, kunnen worden aangetast door wolluis.

Wolluis kan je bestrijden met chrysop of Chrysopa.

Wil je alles lezen over wolluis en hoe deze te bestrijden?

Bladluis

Bladluizen op plant

Bladluizen komen overal voor: binnen, buiten, in kassen en tuinkamers.

Ze bestaan in verschillende kleuren: groen, zwart, rood, oranje, geel of lichtgroen-wit.

Het meest opvallende teken van een bladluisplaag zijn de witte vervellingshuidjes die op de bladeren terechtkomen.

Dat zijn de lege huidjes die bladluizen achterlaten telkens ze vervellen, in totaal doen ze dat vier keer.

Deze huidjes zijn altijd wit van kleur en lijken vaak nog op het silhouet van het insect. Daardoor worden ze vaak verward met witte vliegjes.

De bladluizen zelf zitten vooral op de steeltjes en aan de onderkant van de bladeren.

De witte vervellingshuidjes vallen op de bovenkant van de bladeren eronder.

Vervellingshuidjes van bladluizen

Bladluizen kan je bestrijden met Adalia (larven van lieveheersbeestjes) of Chrysopa (larven van groene gaasvliegen).

Beide zijn even effectief, maar Chrysopa kan je in grotere hoeveelheden aankopen.

Bij zware aantastingen, op bomen of grote oppervlakken, kies je dus beter voor Chrysopa.

Soms ontwikkelen bladluizen vleugels om zich te kunnen verplaatsen naar andere planten.

Deze gevleugelde bladluizen – zeker als ze licht van kleur zijn – worden vaak aangezien voor witte vliegjes.

Wil je alles weten over bladluis?

Beukenbladluis

Beukenbladluis in een beukenhaag
Close up beukenbladluis op een blad

De beukenbladluis komt uitsluitend voor op beukenbomen en beukenhagen.

De volwassen luizen zijn witachtig van kleur en lijken daardoor soms op witte vliegjes.

Wanneer de aantasting groot wordt, ontwikkelen de bladluizen vleugels om zich te kunnen verplaatsen naar nabijgelegen planten.

Tijdens het snoeien van beukenhagen vliegen ze vaak massaal op, wat de verwarring met witte vliegjes vergroot.

Bestrijding: de beukenbladluis kan je biologisch aanpakken met Chrysopa.

Alles weten over de beukenbladluis?

Wollige bloedluis

Appelbloedluis, ook gekend als wollige bloedluis

De wollige bloedluis, ook wel wollige appelbloedluis genoemd, vind je vooral in appelbomen.

De luizen zelf zijn nauwelijks zichtbaar, maar ze produceren witte, wollige wasdraden die opvallen als pluizige witte vlekken op de takken.

Bestrijding: je kan de wollige bloedluis biologisch bestrijden met Chrysopa.

Alles weten over appelbloedluis?

Wollige dopluis

Wollige dopluis op een blad

De wollige dopluis komt vooral voor op sierplanten buiten.

De volwassen insecten vallen nauwelijks op, maar hun witte eizakjes, die tot wel 10 mm lang kunnen worden, des te meer.

Een blad kan volledig bedekt zijn met deze witte zakjes.

Snel ingrijpen is belangrijk, want vogels, insecten en zelfs mensen zorgen voor verdere verspreiding naar andere planten.

Wil je alles weten over wollige dopluis?

Eleagnusbladvlo

Eleagnus bladvlo, ook gekend als olijfwilgbladvlo

De olijfwilgbladvlo (Eleagnusbladvlo) is aanvankelijk lichtgroen, maar verkleurt later naar donkerbruin.

Deze insecten vliegen niet, maar springen van blad tot blad – een beetje zoals sprinkhanen.

Daardoor worden ze vaak aangezien voor witte vliegjes.

De larven van de bladvlo produceren bovendien witte wasdraden, wat het schadebeeld nog sterker op witte vliegjes doet lijken.

Bestrijding: de larven van de olijfwilgbladvlo kan je bestrijden met Chrysopa larven.

De behandeling moet meerdere keren worden herhaald om hun levenscyclus te doorbreken.

Let wel: de volwassen insecten worden niet bestreden door de Chrysopa-larven.

Alles weten over Eleagnusbladvlo?

Buxusbladvlo

Buxusbladvlo

De buxusbladvlo komt uitsluitend voor op buxus.

Ze leven op de jonge blaadjes, waar ze vliegend en springend actief zijn.

De topblaadjes van de buxus gaan krullen en vertonen bobbels.

De larven zijn bedekt met witte wasdraden en lijken op wollige pluisjes tussen de buxusblaadjes.

Tijdens het snoeien vliegen de insecten én het witte stof van de wasdraden op, waardoor het lijkt alsof er witte vliegjes rondzweven.

Meeldauw

Meeldauw op de rozenplant

Meeldauw is geen insect, maar een witte schimmel.

Omdat de witte aanslag op bladeren soms lijkt op de aanwezigheid van witte vliegjes, wordt het vaak verward.

Preventie: je kan meeldauw voorkomen door Oenosan te vernevelen over de bladeren van je planten.

Doe dit vanaf de lente tot de herfst, met telkens 2 à 3 weken tussen de behandelingen.

Zo verhard je de bladeren van binnenuit en voorkom je dat meeldauw zich kan ontwikkelen.

Wat te doen tegen witte vliegjes in je planten?

Afhankelijk van het type insect gebruik je een andere biologische bestrijder:

  • Kaswittevlieg: bestrijden met sluipwespen Encarsia of Eretmocerus
  • Beukenbladluis, wolluis, olijfwilgbladvlo en wollige appelbloedluis: bestrijden met Chrysopa larven
  • Bladluis: bestrijden met Chrysopa-larven of Adalia larven van lieveheersbeestjes

In binnensituaties, zoals tuinkamers, woonkamers of kassen, kan je gebruikmaken van Chrysop kaartjes tegen wolluis of bladluis.

Het product Chrysop bevat kaartjes met eitjes van de groene gaasvlieg, terwijl Chrysopa de levende larven bevat.

Waar komen witte vliegjes vandaan?

Vliegende insecten kunnen eenvoudig van buiten naar binnen komen, aangetrokken door hun waardplanten.

Dat zijn planten waarop het schadelijke insect zich snel kan ontwikkelen.

Fuchsia en komkommer zijn bijvoorbeeld favoriete waardplanten van witte vlieg.

Daarnaast zorgen mensen, dieren, vogels en andere insecten voor verspreiding.

Mieren vervoeren bladluizen, mensen dragen insecten onbewust via hun kleding mee, en dieren verspreiden ze via hun vacht.

Ook wind en luchtcirculatie kunnen jonge stadia van insecten – zoals wolluis – over lange afstanden verspreiden.

Hoe lang blijven witte vliegjes?

Zonder natuurlijke vijanden of nuttige insecten blijven schadelijke insecten zich elk jaar voortplanten.

In de winter vertraagt hun ontwikkeling door de kou en het gebrek aan licht, vooral buiten.

Afhankelijk van de soort overwinteren ze in verschillende stadia:

  • Appelbloedluis: als volwassen luizen of jonge larven (bij strenge winters)
  • Beukenbladluis: als wintereitjes in spleten en kieren van het hout
  • Bladluis: als wintereitjes of als volwassen insecten in warme omstandigheden
  • Eleagnusbladvlo: als volwassen insecten op beschutte plaatsen
  • Witte vlieg: als eitjes of als volwassen insecten bij temperaturen boven 6°C
  • Wolluis: als volwassen insecten, bestand tot -40°C
  • Wollige dopluis: als volwassen vrouwtjes op de planten
  • Buxusbladvlo: in het eerste larvestadium, nog in het ei

Wanneer de temperaturen in het voorjaar stijgen, herneemt hun ontwikkeling precies waar ze was gestopt.

Volwassen insecten komen tevoorschijn, paren en leggen eitjes.

Bij soorten die als eitje overwinteren, verschijnen eerst larven en nimfen, waarna pas later weer volwassen insecten ontstaan.

In warme binnenomstandigheden – zoals woonkamers – blijven de insecten ook in de winter actief, al vertraagt hun ontwikkeling door het lagere lichtniveau.