We zijn het zó gewoon geworden: insecten op onze planten? Dan grijpen we naar een spuitfles.

Misschien wat kort door de bocht geformuleerd, maar het vat de realiteit helaas goed samen. En net daarom is het belangrijk om hier even bij stil te staan.

Of je nu kiest voor chemische middelen of voor producten van natuurlijke oorsprong, het effect is vaak vergelijkbaar: Ook nuttige insecten worden geraakt. En laat net die zo belangrijk zijn voor een natuurlijke plaagbestrijding.

We horen het regelmatig: mensen grijpen in paniek naar een middel, spuiten hun planten.

En dan volgt de teleurstelling. Het product werkt niet zoals gehoopt, of erger nog: het doodt ook de natuurlijke bondgenoten. Bovendien moet je vaak een wachttijd respecteren voordat je nuttige insecten mag inzetten. Soms is die wachttijd zó lang, dat het dat seizoen gewoon niet meer lukt.

Spuittoestel

Een echte lose-lose situatie dus, voor je planten én voor de natuur.

In deze blog wil ik je een inkijk geven in de gevolgen van verschillende middelen op onze nuttige insecten en de natuur. Het is zeker geen volledig overzicht. De vermelde werkzame stoffen vind je op productverpakkingen terug. Af en toe vermeld ik tussen haakjes productmerken waarvan we uit ervaring weten dat ze veel gebruikt worden door particulieren.

Vier belangrijke groepen bestrijdingsmiddelen

Spuittoestel

1. Insecticiden

Een insecticide is een bestrijdingsmiddel dat insecten doodt. Er bestaan verschillende categorieën van insecticiden, elk met hun eigen werkzame stoffen en effecten op het milieu. Helaas zijn ze vaak niet alleen dodelijk voor plaaginsecten, maar ook voor nuttige insecten zoals bijen en sluipwespen.

Neonicotinoïden: krachtig, maar omstreden

De neonicotinoïden vormen vandaag de belangrijkste groep insecticiden op de markt. Ze zijn systemisch en blijven lang actief in de plant én het milieu. Tot deze groep behoren onder andere:

  • Imidacloprid (Confidor)
  • Acetamiprid (Multisect)

Hoewel veel neonicotinoïden intussen verboden zijn in de EU, zijn deze twee nog toegelaten. Ze worden echter sterk gelinkt aan bijensterfte en het verstoren van natuurlijke bestuivers.

Pyrethroïden: chemische varianten met lange nawerking

Ook de pyrethroïden zijn een veelgebruikte groep insecticiden. Deze omvatten zowel:

  • Natuurlijk pyrethrum (afkomstig van chrysanten)
  • Synthetische varianten zoals:
  • Permethrin (bijv. Beaphar anti-ongedierte)
  • Deltamethrin
  • Prallethrin
  • Phenothrine (bijv. Biokill)
  • Allethrin

Synthetische pyrethroïden zijn zeer schadelijk voor nuttige insecten en werken vaak nog dagen tot weken na toepassing. Ze worden veelvuldig gebruikt in spuitbussen tegen vliegende insecten, mieren en vlooien.

Pyrethrum: natuurlijk, maar niet onschuldig

Hoewel pyrethrum van natuurlijke oorsprong is, wordt het zelden puur gebruikt. Om de werking te versterken en te verlengen, wordt het vaak gemengd met synthetische toevoegingen zoals:

  • Piperonylbutoxide (Pyrethrex)
  • Abamectine (Fazilo spray)
  • Koolzaadolie (Pyrethro Pur, Promonal-R, Spruzit-R)

Ook deze combinaties kunnen schadelijk zijn voor nuttige insecten. Laat je dus niet misleiden door het etiket “natuurlijk”, de impact op het ecosysteem blijft reëel.

2. Nematiciden

Een nematicide is een bestrijdingsmiddel dat wordt ingezet om plantparasitaire aaltjes (nematoden) in de bodem te verdelgen. Deze schadelijke aaltjes kunnen de wortels van planten aantasten en zo ernstige schade veroorzaken.

Toch is het belangrijk om een duidelijk onderscheid te maken:

Niet alle aaltjes zijn schadelijk. Er bestaan ook insectparasitaire aaltjes, die gebruiken wij net als biologische bestrijding tegen bodeminsecten zoals taxuskevers.

Gebruik je een chemische nematicide, dan moet je hier heel voorzichtig mee omgaan. Deze middelen zijn zeer giftig voor het bodemleven en mogen absoluut niet gecombineerd worden met insectparasitaire aaltjes of andere nuttige insecten. Ze worden namelijk allemaal afgedood.

Bovendien hebben de meeste nematiciden een lange nawerking in de bodem, waardoor ze het natuurlijke evenwicht langdurig kunnen verstoren.

3. Herbiciden

Herbiciden zijn slecht voor nuttige insecten

Een herbicide is een bestrijdingsmiddel dat wordt gebruikt om onkruid te verdelgen. Er bestaan verschillende types, afhankelijk van hoe ze werken:

  • Contactherbiciden: doden het blad waarmee het middel in aanraking komt.
  • Wortelherbiciden: werken via de wortels (de meeste zijn intussen verboden).
  • Groeistofherbiciden: verstoren de hormoonhuishouding van de plant.
  • Systemische bladherbiciden: zoals glyfosaat, verspreiden zich via het sapstroomstelsel door de hele plant.

De giftigheid en selectiviteit van herbiciden verschillen sterk. Sommige middelen vernietigen alle planten, terwijl andere alleen specifieke soorten aanpakken.

Herbiciden hebben een negatief effect op de biodiversiteit, omdat ze ook wilde bloemen, weideplanten en hun bijhorende insecten afdoden. Daarnaast bestaat het risico dat oppervlaktewater verontreinigd raakt, vooral bij verkeerd of overmatig gebruik.

Gebruik van herbiciden op het moment dat je nuttige insecten hebt uitgezet, wordt sterk afgeraden. De impact op hun leefomgeving is te groot, waardoor je biologische bestrijding teniet kan worden gedaan.

4. Fungiciden

Fungiciden zijn chemische bestrijdingsmiddelen of geneesmiddelen die worden ingezet om schimmels te doden bij planten, dieren of mensen.

Voor het bestrijden van plantenziekten maken we een onderscheid tussen twee types:

  • Systemische fungiciden: worden opgenomen via de sapstroom van de plant en werken van binnenuit.
  • Niet-systemische fungiciden: blijven op het oppervlak van de plant. Hieronder vallen o.a. koper- en zwavelverbindingen, zoals micro-sulfo en bordeauxse pap.

Ook fungiciden kunnen een negatief effect hebben op nuttige insecten. Zo is bijvoorbeeld het gebruik van bordeauxse pap in combinatie met Encarsia sluipwespen of Chrysopa larven af te raden.

Zelfs zwavel vraagt bij gebruik met Encarsia een wachttijd van meer dan 4 weken. De impact van fungiciden stopt dus niet bij de schimmel alleen: ook in de natuur kunnen nuttige insecten getroffen worden door fungicidebespuitingen.

Soms worden fungiciden en insecticiden gecombineerd in één product. Je denkt misschien dat je enkel een fungicide gebruikt, maar intussen breng je ook een insecticide aan. In dat geval gelden andere (en vaak langere) wachttijden voor de inzet van nuttige insecten.

Tip: Lees altijd goed het etiket en controleer welke werkzame stoffen er in het product zitten vóór je het gebruikt.

Zijn bestrijdingsmiddelen schadelijk? Hoe gevaarlijk zijn bestrijdingsmiddelen?

Bestrijdingsmiddelen zijn gevaarlijk?

Er zijn drie belangrijke elementen waarmee je best rekening houdt als je een chemisch bestrijdingsmiddel ter hand neemt.

1.Het residu van het bestrijdingsmiddel

Chemische bestrijdingsmiddelen zijn synthetisch geproduceerd en laten altijd residu achter. Deze reststoffen verdwijnen niet meteen, maar worden pas na verloop van tijd afgebroken – als dat al gebeurt. Ondertussen belanden ze in de lucht, bodem en het grondwater. Dat is problematisch. We vernietigen op die manier niet alleen insecten, maar ook stukje bij beetje onze eigen leefomgeving én onze gezondheid.

Residu belemmert de inzet van nuttige insecten

Bij de overgang van chemische bestrijding naar biologische controle met nuttige insecten is residu een belangrijk aandachtspunt. Na het spuiten moet je namelijk een wachttijd respecteren, afhankelijk van het gebruikte product.

Voor lichte middelen is die wachttijd kort, maar bij zware chemische producten, die helaas nog steeds vrij verkrijgbaar zijn voor particulieren, kan dit oplopen tot meer dan 2 maanden.

Heb je met zo’n middel gespoten? Dan zit je vast. Je kunt gedurende die hele periode géén nuttige insecten inzetten, waardoor natuurlijke plaagbestrijding niet meer mogelijk is.

Tip: Denk op voorhand goed na over je aanpak. Wat je vandaag spuit, bepaalt wat je de komende weken of zelfs maanden nog kunt doen.

2. Breedwerkende middelen

Chemische bestrijdingsmiddelen zijn vaak breedwerkend, zeker de producten die bestemd zijn voor particulier gebruik. Voor veel mensen is dat aantrekkelijk: één middel dat tegen alles werkt klinkt handig en efficiënt.

Maar dit gemak heeft een keerzijde.

Breedwerkende middelen doden namelijk niet alleen de schadelijke insecten, maar ook de nuttige insecten die je net nodig hebt voor natuurlijke plaagbestrijding. Bovendien zijn deze middelen vaak zeer schadelijk voor mens en milieu.

Wat in de eerste plaats een snelle oplossing lijkt, zorgt op langere termijn voor een verstoord evenwicht in je tuin én in het ecosysteem.

3. Resistentie van het bestrijdingsmiddel

Door herhaaldelijk met hetzelfde bestrijdingsmiddel te spuiten, bouwen schadelijke insecten na verloop van tijd resistentie op. Ze raken gewend aan het middel en worden er niet langer door gedood.

Dit probleem doet zich niet alleen voor bij insecticiden, maar ook bij fungiciden. Het gevolg: producten die ooit doeltreffend waren, werken nauwelijks nog, en toch blijven ze op de markt en in gebruik.

Een bedreiging voor biologische bestrijding

Voor wie wil overstappen op natuurlijke bestrijding met nuttige insecten, veroorzaakt resistentie een serieuze uitdaging:

  • Als de plaaginsecten resistent zijn, blijven ze zich voortplanten alsof er niets gebeurd is.
  • Maar wanneer het gebruikte middel een lange residutijd heeft, kun je geen nuttige insecten inzetten zolang het residu actief is.
  • Hierdoor ontstaat er een gat in de aanpak: de plaag ontwikkelt zich verder, terwijl je niet mag corrigeren met nuttige insecten.
  • In sommige gevallen moet je nadien een veel hogere dosis nuttige insecten uitzetten om het evenwicht te herstellen.

    Soms is het al te laat: de residutijd is te lang en de plaag te groot om nog op een biologische manier in te grijpen.

    Kortom: resistentie maakt chemische bestrijding steeds minder effectief én belemmert de overstap naar duurzame oplossingen.

    Zijn natuurlijke bestrijdingsmiddelen minder schadelijk?

    Onder de noemer ‘natuurlijke bestrijdingsmiddelen’ valt van alles: nuttige insecten en aaltjes, producten op basis van bacteriën, schimmels, virussen en gunstige micro-organismen, plantenaftreksels en spuitmiddelen op basis van natuurlijke stoffen.

    Ik wil het even over deze laatste groep hebben. Mensen denken meestal dat bestrijdingsmiddelen van natuurlijke oorsprong onschadelijk zijn maar dat is niet zo. Twee voorbeelden om dit te illustreren.

    1. Pyrethrum (pyrethrinen)

    Pyrethrum is een extract van een tropische margriet en dus van natuurlijke oorsprong.

    Toch is het gebruik ervan in combinatie met nuttige insecten allesbehalve onschuldig: meer dan 75% van de nuttige insecten wordt hierdoor afgedood.

    Bovendien wordt pyrethrum nooit puur gebruikt. Het wordt altijd gemengd met andere stoffen:

    • Bij een mengsel met abamectine is de wachttijd 2 tot 3 weken.
    • Bij een mengsel met koolzaadolie is de wachttijd minstens 3 dagen.

    Pas na die periode kan je nuttige insecten inzetten zonder ze in gevaar te brengen.

    2. Neemolie

    Neemolie is een veelgebruikt product, vooral bij kamerplanten. Ook dit middel lijkt ‘natuurlijk’ en onschuldig, maar in de praktijk doodt het 50 tot 75% van de nuttige insecten.

    Net als bij pyrethrum geldt hier een verplichte wachttijd van minstens 2 weken voor je opnieuw nuttige insecten kunt inzetten.

    Huis en keukenmiddeltjes schadelijk?

    EM Clean

    Onder deze rubriek vallen de bruine en groene zeep, azijn, spiritus, bleekwater, kaneelwater, look enz. Ze lijken totaal onschadelijk maar toch is het belangrijk om er even bij stil te staan. Azijn en spiritus vraagt een wachttijd van 3 tot 5 dagen vooraleer je nuttige insecten kan uitzetten.

    Trouwens uit Nederlands onderzoek blijkt dat schoonmaakazijn niet te onderschatte gevolgen kan hebben op het milieu. Vaak wordt het gebruikt tegen groene aanslag op het terras of oprit of om onkruid te lijf te gaan. Het gebruik kan gevolgen hebben voor planten maar zeker ook voor bodemorganismen (vanaf 54 % azijnzuur) en voor waterorganismen (vanaf 36 % azijnzuur). Wist je dat EM clean een onschadelijk schoonmaakmiddel is op basis van gunstige micro-organismen en ook heel goed werkt bij groene aanslag?

    Nog altijd zien we dat bleekwater wordt geadviseerd bij gevel-, dak- en terrasreiniging. Een product uit grootmoederstijd kan toch niet schadelijk zijn of wel…? Het bleekwater vindt zijn weg naar rioleringen en waterzuiveringsinstallaties. Bleekwater bevat moeilijk afbreekbare chemische verbindingen die schade aan het milieu berokkenen.

    Conclusie

    Bestuivers

    Denk goed na vooraleer je een spuitmiddel ter hand neemt. Is het echt nodig? Is het wel een schadelijk insect? Wat zit er in het spuitmiddel? Hoe lang werkt dit na voor nuttige insecten? Hoe schadelijk is mijn handeling voor het milieu? Kan ik het ook op een andere manier aanpakken?

    Ook interessant om te lezen: